ADA : Vrouwen en nieuwe technologieën - Vrouwen en IT - Vrouwen en ICT
:: home :: web site plan ::
en français ::
 
   
U bent hier: Home Grrrls stories Cyberneticae

Vrouwen in net.art

Net.art of netkunst is een digitale kunststroming die heel wat vrouwelijke artiesten aanzet tot het experimenteren met de esthetische en interactieve mogelijkheden van het internetmedium. Aan de hand van het werk van enkelen onder hen leiden we u binnen in deze fascinerende wereld van hypertext poëzie, ascii-art, on-line participatie, browseringrepen, interactieve beeld-en-geluid verhalen, culturele ’hacking’, films in Flash, ’games’,...


Venus Matrix

Net.art versus ’art on the net’

Net.art (a) verschilt van ’art on the net’ (kunst op het net) omdat netkunst - in tegenstelling tot een digitale afbeelding van een schilderij - niet buiten het web kan bestaan. Net.art veronderstelt de interactie van de ’internetgemeenschap’ met een idee of een digitaal kunstwerk dat door een individuele artiest m/v of groep op het net wordt gelanceerd. Op die manier doet Net.art de grens vervagen tussen kunstenaar m/v en toeschouwer m/v, tussen produktie, distributie en consumptie van kunst en tussen kunstverzamelaar m/v en ordinaire surfer m/v. Volgens Sandra Fouconnier formuleert netkunst, net als videokunst een reflectie of kritiek op het eigen medium en wordt het medium vaak oneigenlijk gebruikt. De meeste netprojecten zijn een vorm van visuele of conceptuele netkritiek en spelen in op de manier waarop het net gestructureerd is, waarop er gecommuniceerd wordt, en waarop zaken worden gedaan (b).

Interactief beeldverhaal
De eerste netwerkprojecten ontstonden vrijwel onmiddellijk na de lancering van de eerste browser ’Mosaic’ in 1993. Olia Lialina, een moskoviete, is één van de eerste vrouwen die het internet als kunstmedium ontdekt. In If you want me to clean your screen (1) herkennen we de ’low-tech’ aanpak (minimale grafische toepassingen in zwart-wit) van de eerste net.artiesten en een schuchtere verkenning van het interactieve karakter van het internetmedium. In 1996 experimenteert Lialina met frames en hypertekst en creëert ze één van de eerste ’netfilms’: My boyfriend came back from the war (2). Natalie Bookchin - een andere net.artieste van het eerste uur - combineert on-line gaming, beeldverhaal en literatuur in The intruder (1999) (3), een kritiek op computergames en de patriarchale samenleving.


Id_runners, Ascii generator
Poëzie van hypertext en computercode
Het oneindige universum van gelinkte Hypertext, de nieuwe (voor de surfer verborgen) internettaal ’html’, de vele foutboodschappen waarmee de surfers m/v moeten afrekenen en de commerciële wedren tussen zoekrobots en browsers waren een bron van inspiratie voor een hele reeks net.artiesten ’van de eerste generatie’.
Zo brengt de Braziliaanse Giselle Beiguelmann in Content_no cache (4) de ’esthetiek’ van errorcodes en html-code in beeld. In o.a. ][ad][Dressed in a Skin C.ode_ (5) creëert de Australische Mary Anne Breeze een eigen taal - ’Mezangelle’ - waarmee ze ’internetpoëzie’ schrijft. Olia Lialina nodigt bezoekers uit om via 3 zoekrobots en de woorden "love", "train" en "paradise" zelf het verhaal van Anna Karenin goes to paradise (6) samen te stellen. Samen met net.artpionier Alexei Shulgin creëert Rachel Baker WWW Art Award (7), een ironische lijst die absurde prijzen uitreikt aan een reeks websites die ze als ’kunst’ evaren. Andrea Mayr - één van de ’Mistresses of Technology’ van Id_Runners (8)
- werpt in Ascii generator (9) een glimp op de wereld van Ascii Art (c).

Julia Sher, Securityland
Net.art gallerijen: Äda web en Walker Art Center Gallery 9
Ada Augusta Lovelace was niet alleen de uitvindster van het concept software, ze was ook een dichteres, musica en een vrouw van de wereld, die sterk begaan was met de cultuur van haar tijd (d). Geen wonder dus dat ze tot de muze van net.art werd gekozen en ook äda web (e) - één van de eerste sites die sinds 1995 net.art en webart projecten verzamelt - naar haar werd vernoemd.
In 1995 maakt Julia Sher voor äda web Securityland (10) waarmee ze de bedreigingen wil blootleggen die gepaard gaan met technologie, zoals het voyeurisme van bewakingscamera’s en informatiecontrole. Vivian Selbo presenteert Vertical blanking interval (1996) (11) dat het verschil tussen ’push’ media (zoals televisie) en ’pull’ media (zoals internet) onder de aandacht brengt. Naast äda web is Gallery 9 van het Walker Art Center (Minneapolis, VS) één van de meest uitgebreide on-line net.artgallerijen die het werk van heel wat vrouwelijke net.artiesten ’ten toon stellen’ (f).

Cultural hacking & software art


Cornelia Sollfrank, Net.art generator
In 1997 bewijst Cornelia Sollfrank met Female Extension (12) de onkunde van het artistieke establishment in het beoordelen van de toen nog jonge netkunst. Voor een wedstrijd rond internetkunst diende Sollfrank, via het bestaande email adres van 200 vrouwen 200 netprojecten in die lukraak door een softwareprogramma - de Net.art Generator (13)
- waren samengesteld. De jury was verrast door het groot aantal vrouwelijke deelnemers (meer dan 75%!) maar had geen enkel vermoeden dat het hier ging om een culturele ’hacking’ (g) stunt van één enkele deelneemster...

Cyberfeminist & game art


Venus Matrix, Bad Code
Venus Matrix, een ’cyberfeministisch’ collectief van 4 Australische vrouwen (Josephine Starrs, Julianne Pierce, Virginia Barratt en Francesca da Rimini) (h), ontwikkelde in 1997 het computergame Bad Code, geïnspireerd op het scenario Contested Zone (14) en de off-line multimedia installatie All New Gen (1993) (15). Net als in Contested Zone bevat Bad Code een reeks ’non-conformistische’ personages die de spot drijven met de stereotypering in videogames. Maar de zestigjarige homoseksuele aboriginal dokter en de veertienjarige lesbische skatester bleken te ’geavanceerd’ voor de markt van videospelletjes en Bad Code raakte nooit tot de produktie- en distributiefase.

Francesca da Rimini, Doll Space
In 1996 presenteert Francesca da Rimini Dollspace (16), een hypertext kunstwerk met tekst, beeld, muziek en animatie van meer dan 700 pagina’s. Het hoofdpersonage Doll Yoko is een pop die - in tegenstelling tot Barbie
- niet glad maar gewond en kwetsbaar is en die net als een voodoo pop de stemmen verwoord van vrienden, kennissen en onbekenden die via het netwerk met elkaar verweven zijn. In 1999 lanceert da Rimini het netproject Identity_Runners (17), een dynamische webcollage van de imaginaire wereld van Discordia (Agnese Trocchi (i), Rome), Efemera (Diane Ludin, New York) en Liquid_ Nation (Francesca da Rimini). Eén van de recentste realisaties van da Rimini is de internetperformance Los Dias y Las Noches de Los Muertos (18) waarin ze de visie van de Zapatisten laat botsen met het VS ’space war’ programma.

 

 
Attribution-NonCommercial 2.0 Belgium